home

BEVRIJDE TIJD
Deelnemen aan een 24-uurseconomie?

DOOR SAMEN TE WERKEN IS VEEL TE BEREIKEN
Voor zieningen voor taakcombineerders in landelijk gebied

Magazine Bevrijde Tijd nr 5, september 2002
door Gerard van Eck

Basisvoorzieningen
Leefbaar platteland
Experimenteren met dagindeling
Een complex met meerwaarde
Langs de randen van de achturige werkdag
Verwerkingssuggestie

Ook op het platteland combineren mensen zorg en arbeid. Dat valt echter niet altijd mee. De voorzieningen ontbreken of liggen op grote afstand. In de gemeente Weststellingwerf wordt gezocht naar oplossingen. Een gesprek met Irma van Beek, leider van het project dagindeling Matchpoint.

Weststellingwerf ligt in het zuidoosten van de provincie Friesland. Bijna de helft van de ruim 25.000 inwoners van deze gemeente woont in Wolvega. Daarnaast kent alleen Noordwolde nog een zekere omvang met zo’n 3.500 inwoners. De rest woont in één van de 24 kleine kernen in het omliggende landelijke gebied. Vaak telt zo’n kern niet meer dan enkele honderden inwoners.

Van Beek: "Ook in deze tamelijk traditionele gemeente combineren veel mensen arbeid en zorg. De situatie verschilt niet eens zoveel van die in de steden. Steeds meer vrouwen kiezen voor werken buitenshuis. Dikwijls in een kleine deeltijdbaan. Ook jonge vrouwen uit agrarische gezinnen. In veel van de gezinnen die taken combineren, werkt één van de twee buiten de gemeente. Voor hun werk trekken ze naar Zwolle, Lelystad, Almere of zelfs Amsterdam. Wonen doen ze echter op het platteland. Dikwijls zonder al te veel binding met zo’n dorp."

omhoog

Basisvoorzieningen

Juli 2000 is in Weststellingwerf het project Matchpoint van start gegaan. Het project moet een netwerk van voorzieningen tot stand brengen voor mensen die zorg en arbeid combineren. De gemeentelijke emancipatiecommissie had gelezen over het vrijkomen van gelden voor experimenten in het kader van de Stimuleringsmaatregel Dagindeling (zie kader). Naar een eerste peiling is een projectaanvraag ingediend. De Stuurgroep besloot het project te honoreren. Tot eind 2002 betaalt ze 75% van de projectkosten. De gemeente en enkele betrokken organisaties (kinderopvang, sociaal-cultureel werk, zorgcentrum) nemen de rest voor hun rekening. Irma van Beek werkt als projectleider. Ze kan bij de uitwerking rekenen op steun van een klankbordgroep. Een stuurgroep onder voorzitterschap van een wethouder bewaakt de grote lijnen van het project. De gemeenteraad volgt het project gedurende de looptijd op afstand.

Het project is gestart met een inventarisatie van de problemen en wensen van taakcombineerders. Er zijn vele gesprekken gevoerd. Ook is met diverse groepen vragers en mogelijke aanbieders van diensten en voorzieningen een spel gespeeld (zie kader).

Van Beek: "Mensen zijn zich er heel goed van bewust, dat op het platteland niet alles naast de deur is. Veel problemen lossen ze in eigen kring op. Toch willen ze heel graag een aantal basisvoorzieningen in hun directe omgeving. Dat zijn in ieder geval een ontmoetingsplek (café, dorpshuis), een school op fietsafstand en een peuterspeelzaal. Ook een sportaccommodatie en een vorm van buitenschoolse opvang horen daarbij. Omdat je kinderen dan na schooltijd niet wegrukt uit hun sociale omgeving. Ze kunnen bij vriendjes spelen, sporten of naar buitenschoolse opvang. Ook hoef je ze dan niet te vervoeren naar een grotere plaats. Ouders doen kinderen om die reden al in Wolvega op school. Soms overwegen ze zelfs te verhuizen. Van de noodzaak van kinderopvang op een dorp ben ik niet zo zeker. Brengen en halen aan het begin en einde van een dag is minder belastend. Ook winkels zijn niet zo belangrijk. Met een auto kun je voor een hele week boodschappen halen in een nabijgelegen dorp. Wel zouden agrariërs zijn geholpen met een bezorgdienst. Nee, de grootste prioriteit ligt bij voorzieningen voor mensen (kinderen, ouders, partner) waarbij ze zich emotioneel betrokken voelen. Andere zaken besteden ze makkelijker uit."

Naast enkele basisvoorzieningen in een dorp is een goed vervoersaanbod noodzakelijk. Van Beek: "Om andere voorzieningen te kunnen bereiken zijn mensen afhankelijk van vervoer. Toch beschikt niet iedereen over eigen vervoer (scholieren, ouderen, uitkeringsgerechtigden). Het openbaar vervoer op het platteland is echter slecht te bereiken. Bovendien zijn de verbindingen niet al te best. Aanbieden van vervoer op maat kan een uitkomst zijn. Kinderen uit de dorpen kunnen met een ‘busje’ naar een activiteit vervoerd worden. Ouders hoeven dan niet steeds heen en weer te rijden."

omhoog

Leefbaar platteland

Matchpoint werkt momenteel aan de uitvoering van verschillende deelplannen. Van Beek: "In het deelplan Taakcombineren en kinderen onderzoeken we onder meer de mogelijkheden van flexibele vormen van kinderopvang. Dus bijvoorbeeld voor een korte periode (ziekte, oogsttijd). Of op wisselende dagen en dagdelen. Of brengen en halen op wisselende tijden. Verder overleggen we met scholen over de mogelijkheden van tussenschoolse opvang. Ook willen we een aanbod voor kindervakantie-activiteiten ontwikkelen. Dit deelplan richt zich met name op dorpen in de omgeving van Noordwolde en Munnekeburen. In Noordwolde is onlangs ‘t Vlechtwerk in gebruik genomen (zie kader). In dit complex zijn verschillende instellingen samengebracht. In Munnekeburen zijn plannen voor de bouw van een multifunctioneel kindcentrum. Daarin krijgen peuterspeelzaal, kinderopvang en sociaal-cultureel jongerenwerk een plaats. Het wordt gehuisvest vlakbij een lagere school en een sporthal. We zijn erbij betrokken om te onderzoeken welke meerwaarde samenwerking tussen instellingen kan hebben voor taakcombineerders. In een ander deelplan zijn we bezig met het ontwikkelen van een centraal gemeentelijk loket om vragen van taakcombineerders te ‘matchen’ met een passend aanbod. We willen daarbij gebruik maken van een interactieve website. En in het deelplan Taakcombineerders en ouderen werken we met zorgcentra aan een pakket van voorzieningen (bijv. was- en strijkservice, maaltijdservice, badservice) voor zelfstandig thuiswonende ouderen. We verwachten dat zulke extra diensten een bijdrage leveren aan de rust van mantelzorgers."

Van Beek ziet kansen voor het landelijk gebied. "Door functies te bundelen valt er heel veel te bereiken. Een school met buitenschoolse opvang. Een peuterspeelzaal met een kinderopvang. Dat vraagt echter wel dat mensen bereid zijn verder te kijken dan hun eigen directe belang. Ze moeten uitgaan van gemeenschappelijke behoeften. Dat zijn nog hele spannende trajecten. Maar daar liggen wel mogelijkheden voor voorzieningen op het platteland."

omhoog

Experimenteren met dagindeling

De Stuurgroep Dagindeling is in 1999 ingesteld door het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Deze stuurgroep moet beleidsadviezen uitbrengen die het mensen makkelijker maken werk en privé te combineren. In experimenten wordt gezocht naar creatieve oplossingen voor de dagindelingproblemen van taakcombineerders. De meeste experimenten spelen zich af op lokaal en regionaal niveau. Provincies, gemeenten, maatschappelijke organisaties en bedrijven nemen het voortouw, vaak in samenwerking met elkaar. De experimenten dienen ook als voorbeeld voor anderen in vergelijkbare situaties.

De experimenten zijn mede mogelijk dankzij de Stimuleringsmaatregel Dagindeling. Tot en met 2002 heeft de regering hiervoor 60 miljoen gulden beschikbaar gesteld. Het Projectbureau Dagindeling geeft uitvoering aan deze maatregel. Dit houdt in dat ze de experimenten adviseert en stimuleert. Ook organiseert ze de uitwisseling van ervaringen tussen de diverse experimenten. De experimenten komen drie keer per jaar bijeen in zes zogeheten focusgroepen, te weten:

  • samenwerking voorzieningen (onderwijs, opvang en vrije tijd)
  • lokaal sociaal beleid
  • persoonlijke dienstverlening
  • ruimtelijke ordening, verkeer en vervoer
  • landelijk gebied
  • werk-privé balans in arbeidsorganisaties

Verder maakt het projectbureau de resultaten zichtbaar door voorlichting en verspreiding van good practices.

Voor meer informatie over activiteiten en publicaties van het Projectbureau Dagindeling: postbus 556, 2501 CN Den Haag, telefoon 070-3765912, e-mail: dagindeling@minszw.nl. Een nieuwsbrief is gratis beschikbaar. Of raadpleeg: www.dagindeling.nl.

omhoog

Een complex met meerwaarde

‘t Vlechtwerk in Noordwolde biedt plaats aan alle activiteiten die een dorpsgemeenschap levend houden. Ook kinderen kunnen er een groot deel van de dag terecht.

Bert Nijsingh is directeur van de nieuwe vensterschool in Noordwolde. "Verschillende gebouwen waren tegelijkertijd aan groot onderhoud toe. Het gemeentebestuur van Weststellingwerf heeft toen een groot verbouw- en nieuwbouwplan bedacht. Ook wij zijn bij de planvorming betrokken. Er waren hier twee openbare basisscholen, die al eens hadden aangegeven te willen fuseren. Ook bibliotheek, sociaal-cultureel werk, muziekschool, kinderopvang, peuterspeelzaal, buitenschoolse opvang en wereldwinkel deden mee aan het overleg. In het gebouw van voormalige Rietvlechtschool is nu het Nationaal Vlechtmuseum gehuisvest. De basisschool en de andere instellingen zijn in de aangrenzende nieuwbouw gevestigd.

In de vensterschool werken we met zorg- en welzijnsinstellingen samen aan de ontwikkeling van kinderen. Het is geen vastomlijnd concept. Je kunt het naar eigen inzicht invullen. We zijn nog bezig met de uitbouw. We hebben niet enkel aandacht voor de leerprestaties. Vorig jaar zijn we begonnen met het opzetten van een kindvolgsysteem voor de kinderen van de basisschool. Dat breiden we nu uit naar de peuterspeelzaal. En wellicht straks ook naar de leeftijd van 0 tot 2 jaar. Wanneer er zich problemen voordoen, legt onze zorgcoördinator contacten met andere instellingen. Hij is de spin in het web. Verder werken we in het onderwijs samen met bibliotheek, muziekschool, sociaal-cultureel werk en museum. Dat gebeurt op vrijwillige basis. We zouden echter graag zien dat speciaal met het oog op die onderlinge samenwerking een locatiemanager aangesteld wordt."

‘t Vlechtwerk biedt een ‘sluitende’ dagindeling. Voor de jongere kinderen is er dagopvang. De kinderen van de basisschool kunnen tussen de middag overblijven. Na schooltijd is er in het dorp de buitenschoolse opvang.

Angelique Niemann en haar man combineren zorg en arbeid. "Ik werk drie dagen per week. Op die dagen hebben wij een oppasmoeder. Er bestaat hier een sterk sociaal klimaat. Iedereen past op elkaars kinderen. Tot voor kort was er hier geen enkele vorm van opvang. Men dacht dat er geen behoefte aan was. Maar nu er wel een aanbod is, wordt er veel gebruik van gemaakt. De buitenschoolse opvang heeft zelfs vanwege de grote toeloop naar een ruimte buiten het complex moeten uitwijken. Steeds meer vrouwen werken betaald. Bovendien wonen hier steeds meer mensen van buitenaf, die niet zo makkelijk kunnen terugvallen op familie of buren. Onze zoontje zit nu nog op de peuterspeelzaal. Straks blijven hij en zijn zusje ook over als ik werk."

Nijsingh wil de activiteiten van de vensterschool nog verder uitbreiden. "Middelbare scholieren moeten niet in een leeg huis thuiskomen. Je ziet ze nu dikwijls op straat zwerven. Of ze moeten met een vriendje mee. Een brede school kan ook deze jongeren opvangen. Ze zouden hier na een kopje thee onder begeleiding hun huiswerk kunnen maken."

Ook Niemann heeft nog een wens. "Het is prachtig dat alles op één plek zit. Je hoeft niet meer in de auto te stappen. Ik mis alleen een verloskundige. Daarvoor moet je 15 kilometer verderop zijn. Zwaar voor moeders in de laatste weken van hun zwangerschap."

omhoog

Langs de randen van de achturige werkdag

In de gemeente Amersfoort loopt het project Tijden van de Stad. Laten openings- en werktijden zich zo op elkaar afstemmen dat het combineren van taken mogelijk is?

In 2001 zijn de openingstijden van 160 voorzieningen in Amersfoort onderzocht. Daaruit blijkt dat de openingstijden slecht zijn afgestemd op werktijden. De meeste voorzieningen zijn juist geopend (tussen 9 en 17 uur), wanneer veel mensen geen tijd hebben om deze te bezoeken. Dat geldt vooral voor de zakelijke dienstverlening (notaris, makelaars, advocaten, banken), huisartsen en tandartsen. Ook de openingstijden van gemeentelijke diensten zijn beperkt (veelal tot 16.30 uur). Alleen bij de afdeling burgerzaken en de informatiewinkel kunnen burgers ook op zaterdagochtend en donderdagavond terecht. De detailhandel hanteert de meeste ruime openingstijden. Veel winkels sluiten de deuren op doordeweekse dagen pas om 18 uur, supermarkten zijn ook ’s avonds nog open.

Lage trefkans

De kans dat een werkende op donderdag zelf tussen 7 en 19 uur naar een voorziening kan gaan en deze open treft, is slechts 10%. Door de koopavond is die dag het aantal na 19 uur nog geopende voorzieningen zelfs groter dan op een gewone doordeweekse dag. Uiteraard ligt de trefkans hoger voor mensen die in deeltijd werken (30% op donderdag). Op zaterdag kent een groot deel van de werkenden geen verplichtingen, maar doordat veel voorzieningen dan gesloten zijn is de trefkans toch niet veel groter.

Een projectgroep moet de discussie in de samenleving op gang brengen. Er worden onder meer drie bijeenkomsten (‘burgemeesterlunches’) georganiseerd met vertegenwoordigers van voorzieningen (gemeentelijke diensten, zakelijke dienstverlening, gezondheids- en welzijnsinstellingen). Om zicht te krijgen op de wensen van de Amersfoorters wordt een klantenpanel opgezet. Ook wordt in een breed onderzoek (‘stadspeiling’) gevraagd naar de behoefte aan andere openings- en werktijden.

De projectgroep streeft niet naar een 24-uurseconomie. Het gaat om het benutten van bestaande voorzieningen langs de randen van de achturige werkdag. Dus een uurtje vroeger of langer open, zodat mensen voor of na hun werk nog even binnen kunnen lopen. Of spreekuur op zaterdagochtend in plaats van op een minder druk bezocht dagdeel doordeweeks.

Aan het einde van het project Tijden van de Stad moet de gemiddelde trefkans verhoogd zijn naar 15%. In 2003 ontvangen alle inwoners van Amersfoort een Zorg- en Arbeidsgids met daarin de wellicht veranderde openingstijden van de in de stad aanwezige voorzieningen.

omhoog

Verwerkingssuggestie
Stelling(werver/en)spel)

Speciaal met het oog op de inventarisatie van problemen en wensen van taakcombineerders is een spel ontwikkeld door Irma van Beek (Matchpoint) en Lambert Smit (ID Innodact). Het nodigt uit tot gesprek over verschillende aspecten van het combineren van zorg en werk. Met veel succes is het gespeeld door diverse groepen binnen de gemeente Weststellingwerf. Met wat creativiteit laat het zich eenvoudig toesnijden op de eigen groep.

Het spel is een variant op het bekende ganzenbord. De deelnemers verplaatsen hun pion over het spelbord door te werpen met dobbelstenen. Er zijn vakjes waaraan een bepaalde stelling verbonden is. Komt een speler op zo’n vakje dan reageert hij hierop. Hieronder staan er enkele afgedrukt. Bedenk zelf stellingen die betrekking hebben op de eigen situatie. Verder zijn er vakjes die betekenen dat een speler zelf een mening mag inbrengen. Deze wordt aan de volgende speler voorgelegd. Tenslotte zijn er vakjes die de speler dwingen voor- of achteruit te gaan.

De spelleider noteert de meningen van de spelers. Er kunnen namelijk meerdere spelers op hetzelfde vak terechtkomen. Ook zorgt ze voor een veilige sfeer in de groep. Na afloop kan op elkaars meningen gereageerd worden. Veel speelplezier!

  • Openbaar vervoer is niet meer nodig. Iedereen heeft een auto.
  • Als je wilt werken zoek je zelf de oplossingen maar.
  • Oplossingen om zorg en werk te combineren zijn per definitie te duur.
  • Scholen houden totaal geen rekening met ouders die willen werken.
  • De gemeente moet tandartsen verplichten ook ’s avonds spreekuur te houden.
  • Naast je werk kun best nog zorgen voor een zwaar gehandicapte partner of familielid
  • Alle voorzieningen moeten bij elkaar.
  • Op buren, familie en vrienden hoef je niet meer te rekenen.
  • Je baas moet ervoor zorgen dat je kleding gestreken wordt.
  • Bij nieuwbouw (huizen, scholen, voorzieningen) moet vooraf rekening gehouden worden met het feit dat mensen werken én zorgen.
  • Mijn bedrijf houdt alleen voldoende personeel als ik ze onder werktijd met hun zieke ouders naar de dokter laat gaan.

omhoog

home