home

PROJECTEN

DIACONALE STUDIES

Gerrit Deems promoveert op onderzoek naar Alfons Ariëns

Door Hub Crijns

Inleiding

Gerrit Deems verwerft begin april landelijke bekendheid omdat hij als 89-jarige ‘jonge doctor’ in de theologie wordt door de verdediging van zijn proefschrift Een ‘andere’ Ariëns – De Doctrina Socialis van Dr. Alfons Ariëns, aan de Radboud universiteit te Nijmegen. Uit de nieuwsbronnen blijkt dat hij niet de oudste Nederlander is geweest die promoveert, maar wel de oudste die publiekelijk zijn onderzoek verdedigt heeft. De prestatie is zo breed uitgemeten in allerlei media, dat zijn promotor Peter Nissen tijdens de laudatio opmerkte, dat Gerrit Deems “als hij in dienst van de universiteit zou zijn geweest, een serieuze concurrent voor de jaarlijkse mediaprijs, de Duynstee Trofee, zou worden.”

Gerrit Deems is vooral tevreden dat hij zijn meer dan twintigjarige zoektocht naar leven, denken en werken van Alfons Ariëns tot een goed einde heeft kunnen brengen. De mediahype heeft hij rustig voorbij laten gaan, daarbij geholpen door zijn onbekendheid met nieuwe digitale media. Het gaat volgens Gerrit immers niet om zijn persoon, maar om Alfons Ariëns. De tijd die hem in dit leven rest wil hij optimaal gebruiken om de voorbeeldwerking van Alfons Ariëns verder te brengen in de katholieke wereld. Dicht aan zijn hart ligt de wens dat er Ariënskringen gaan ontstaan van mensen, die hun persoonlijke ontwikkeling, hun actief zijn in kerk en maatschappij, hun politieke keuzes willen inzetten voor een sociale samenleving. Een inkijk in zijn leven is belangrijk om zijn passie voor studeren en navolging van Ariëns te begrijpen.

omhoog

Van boerderij naar seminarie

Gerrit Deems ziet het levenslicht op 26 januari 1921 in Blesdijke. Dat is de onderste hoek van Friesland richting de grens met Overijssel. De Konijnenberg heet het gehucht, waar zijn vader en moeder een boerenbedrijf gaande houden. Als jong kind ontwikkelt Gerrit door het lezen van allerlei katholieke missiebladen een grote leeslust. Door die vorming ontstaat de wens om later filosofie te gaan studeren. Het is niet verwonderlijk dat de dichtbijliggende mulo in Steenwijkerwold na de lagere school zijn fietsdoel wordt. Die school wordt geleid door de zusters van de Voorzienigheid, die ook een huishoudschool en een kweekschool onder hun hoede hebben. Daarnaast is er een bejaardentehuis en verzorgen de zusters de voogdij van weeskinderen. Voor externen is er plaats op de mulo.
Zoals het vaker in vroeger tijden ging, overleggen zusters met paters als er sprake is van jongens, die door willen studeren. Pater Cyrillus Grondhuis van de paters der Hl. Harten uit Sint Oedenrode komt op een zaterdagmiddag op bezoek op de boerderij. En op die zonnige middag wordt beklonken, dat de zoon naar de kostschool van de paters mag. Vader zal elk kwartaal drie varkens laten slachten en de opbrengst gaat naar het klein seminarie. Zo is de wens van Gerrit Deems om meer te kunnen lezen en studeren in vervulling gegaan. Zeven jaar later en 63 varkens verder studeert hij in 1941 af voor het gymnasium.
Daarna volgt het noviciaat van de paters in Ginneken en Bavel bij Breda. Een noviciaat is een jaar dat bedoeld is om de roeping tot priester te ontwikkelen. Er wordt veel gebeden, gemediteerd, aan spiritualiteit gedaan en daarnaast zijn de novicen actief op de boerderij om mee te helpen in het bestaansonderhoud. Gerrit noemt dit jaar een ongelukkige tijd, mede omdat het ontwikkelen van een kritische mening net niet op prijs gesteld wordt. Om aan de studie van filosofie en theologie toe te komen moest hij andere wegen zoeken.
De oorlogstijd heeft zijn invloed op het leven van veel Nederlandse mannen, die liever niet mee willen doen aan de Duitse Arbeitseinsatz. Naast velen moet ook Gerrit Deems onderduiken en dat doet hij thuis bij zijn ouders in Zuid-Friesland. Met het werken op de boerderij en de gang der seizoenen gaan de oorlogsjaren voorbij. Gelukkig zijn Gerrit en veel onderduikers op het platteland niet gevonden.

omhoog

De handel in

Na de oorlog is Gerrit Deems vertegenwoordiger van de porseleinfabriek Plateel Bakkerij in Schoonhoven geworden. In de handel zat werk en geld en er is na de oorlog heel wat aan de man te brengen. In 1954 trouwt Gerrit en vast werk is belangrijk. Tot 1956 heeft hij dit handelsleven gedaan en hij kan er elk jaar een deel van sparen. Dat bedrag geeft de gelegenheid om uit te kijken naar werk, waarin ook een opleiding verbonden is. Hij komt in 1956 terecht in het maatschappelijk werk van de charitatieve centra van de parochies in Zeist en kan de Sociale Academie in Amsterdam volgen. Zo is er brood op de plank en wordt de ziel gevoed met de opleiding, die op maandag- en donderdagavond plaatsvindt. In 1959 is deze opleiding met goed gevolg afgerond.
Vervolgens heeft Gerrit Deems de smaak te pakken gekregen en schrijft zich aan het Mgr. Hoogveld Instituut te Nijmegen in voor de MO akte sociale pedagogiek. Het examen legt hij in 1962 met goed gevolg af.
De ervaring als maatschappelijk werker en de kennis van sociale pedagogiek leiden tot een volgende stap. Gerrit Deems komt terecht in de gezinsvoogdij en start in het arrondissement Alkmaar. In Zeist heeft hij al leren kennen wat het leven kan brengen voor allerlei mensen, gezinnen en hun kinderen. In de voogdij word je zeer concreet geconfronteerd met sociaal-pedagogische frustraties tussen ouders en kinderen en tussen ouders onderling. Het is intensief werk, dat in je hoofd gaat zitten en in je ziel, en het heeft een tegenwicht nodig.
Onder andere door contacten met pater Van Kilsdonk schrijft Gerrit Deems zich in 1964 in als student bij de VU om er filosofie te studeren. Daartoe moet eerst nog het colloqium doctum gedaan worden, om de kennis van Latijn en Grieks op te frissen. De combinatie van praktische ervaring als gezinsvoogd en theoretische reflectie als student filosofie doet goed. Gerrit blijkt over een goed verstand te beschikken. Het gaat jarenlang goed. Totdat ook de gezinsvoogdij gaat reorganiseren. Gerrit komt in 1973 en 1974 in arrondissement Almelo terecht en daar botst hij met collega’s. Hij wordt er zelfs werkloos door.

omhoog

Een leven als onderzoeker en docent

Het arbeidsbureau Hardenberg wijs hem op een onderzoeksopdracht van de gemeente Avereest naar de spanning tussen het arbeidsaanbod en de werkgelegenheid. Dat onderzoek in 1974 is een prettige kennismaking met onderzoekswerk en hier ontstaat een liefde voor het onderzoeken van zaken. Het onderzoek wordt verlengd en na een jaar wordt het resultaat gepubliceerd. De kennis van filosofie, namelijk de manier waarop je een probleem moet aanpakken, kan dienstig zijn bij het in kaart brengen van een niet wijsgerig probleem, zo is gebleken.
Met de opgedane ervaring op zak wordt Gerrit Deems in 1975 benoemd als deeltijdleraar filosofie op de middelbare meisjesschool in Den Haag, waar hij later ook lessen over arbeid en pedagogie aan toevoegt.

omhoog

Onderzoek naar filosofie en theologie van Alfons Ariëns

In 1979 is Gerit Deems in contact gekomen met Alfons Ariëns. Vooral de toenmalige deken van Enschede Ties van ’t Erve heeft hem gestimuleerd om de wens om christelijke sociale wijsbegeerte te gaan studeren te koppelen met onderzoek naar leven, denken en werken van Alfons Ariëns. De contacten met Ties van ’t Erve hebben in 1979 rondom het ontstaan van het FNV geleid tot een serie van vijf artikelen in de Twentsche Courant. Deken Van ’t Erve geeft de studiewensen van Gerrit Deems verder richting door hem op het spoor van de theologie te zetten met als hoofdthema Alfons Ariëns.
In 1985 wordt Gerrit Deems ‘Dreestrekker’ en heeft hij een inkomen en tijd. Hij gaat theologie studeren in Nijmegen en studeert in 1990 af met een theologische scriptie Ariëns, een missionair maatschappij theoloog. Vanaf die tijd dateert zijn intensieve onderzoek naar Alfons Ariëns met als doel een promotie. De inzet van dit onderzoek is om de in menig opzicht onbegrepen Ariëns begrijpelijk te maken. De titel Een ‘andere’ Ariëns is bedoeld om de authentieke Ariëns op het spoor te komen, en de verschillende aspecten van zijn maatschappelijk denken meer tot hun recht te laten komen.

omhoog

De Doctrina Socialis van Alfons Ariëns

Een ‘andere’ Ariëns – De Doctrina Socialis van Dr. Alfons AriënsHet sociale probleem van de in armoede verkerende arbeiders in Twente beziet Alfons Ariëns consequent vanuit een viertal aspecten: stoffelijk, maatschappelijk, moreel en godsdienstig. Hieruit blijkt de voorkeur van Ariëns om de problematiek van het maatschappelijk vraagstuk onder te brengen in het klassieke model van het vierkant, zoals blijkt uit een brief aan C. Prinssen in 1892: “De werklieden vereenigingen van onze dagen moeten naar mijne bescheiden meening geene Sociëteit en ook geene Congregatie zijn, maar het middel om den vierden stand op te heffen uit het verval, waartoe hij lieverlede gekomen is. Dit verval is godsdienstig en zedelijk, maar evenzeer stoffelijk en maatschappelijk; en wie op no. 1 en 2 zou willen werken zonder no.3 zou voor de ‘Schare’ zijn moeite verspillen.” Ariëns ontwikkelt een systematiek om de diverse aspecten van een vraagstuk zoveel mogelijk gelijktijdig aan te pakken; bovendien is het voor hem een uitgemaakte zaak dat de praktische initiatieven voor een nieuw maatschappij van onderaf moeten komen.

omhoog

Visie op maatschappelijk reveil

Het oeuvre dat inzicht verschaft in zijn sociaal denken - de schriftelijke nalatenschap - bestaat uit 1180 preken, 450 lezingen en toespraken, ruim 1500 kleine en grote artikelen en een nog onbekend aantal brieven.
Zijn visie op een maatschappelijk reveil heeft hij in een serie lezingen over het maatschappelijk vraagstuk, gehouden in diverse steden, tussen de jaren 1890 en ’91 uiteengezet. De wegen naar hervorming van de toestanden bracht hij in deze redes onder in een drieluik: maatschappelijke gerechtigheid, christelijk geloof en christelijke liefde.
Aan dit programma heeft Ariëns zijn leven lang gewerkt in drie onderscheiden fasen van ruwweg drie maal vijftien jaren. In dit verband kan men verwijzen naar de Spaanse filosoof Ortega y Gasset die in zijn betoog over de duur van de tijdperken aangeeft, dat het gezicht van de wereld, volgens een algemeen beginsel, elke vijftien jaar van aanzien verandert. Vijftien jaren zijn dan ook belangrijke episoden in het leven van Ariëns: 1886-1901 maatschappelijke gerechtigheid; 1901-1914 verdieping van het godsdienstig leven; 1914- 1928 missionaire expansie. Deze episoden vallen vrijwel samen met de pontificaten van Leo XIII, Pius X, Benedictus XV, en Pius XI.

omhoog

Ascetisch, sociaal georiënteerd en christocentrisch

Gerrit Deems betoogt dat de Doctrina Socialis van Alfons Ariëns bestaat uit vier onderdelen. Ten eerste is Ariëns ervan overtuigd dat de wereld in zijn verschillende aspecten aan elkaar hangt: stoffelijk, maatschappelijk, moreel en godsdienstig. Daarom is maatschappelijke en godsdienstige vorming nodig, naast culturele en ethische, zowel voor persoonlijke ontwikkeling als voor maatschappijverandering. Ten tweede is hij een actionair democratisch federatief denker bij wie denken en doen zo veel mogelijk gelijktijdig samenvallen in elkaar begeleidende activiteiten. Als derde komt in veel van zijn geschriften een andere Ariëns aan het licht: de prediker van een ascetisch, sociaal georiënteerd en christocentrisch christendom. Ariëns’ passie voor de gerechtigheid heeft als vierde een theologische dimensie, waarmee hij een theoloog van de gerechtigheid is geworden.

omhoog

Hoe nu verder na zo’n langdurig onderzoek?

Gerrit Deems signeert zijn boek voor Jos Roemer, voorzitter Sobriëtas.In het leven van Ariëns heeft de Sobriëtasbeweging een grote invloed gehad in het vormgeven van aan de ene kant de deugd van matigheid en aan de andere kant de educatie tot levenseenvoud. Het zou mooi zijn als er nu groepen mensen zouden ontstaan, die zich de belangrijke thema’s van Ariëns tot lijfspreuk maken: een beweging van geïnspireerde mensen die zich inzetten voor een solidaire en duurzame wereld en kerk. Die kerngroepen kunnen dan met het voorbeeld van Ariëns voor ogen actief zijn op verschillende terreinen. Ariëns zelf heeft altijd de vierhoek gezin, werk, verenigingsleven en politiek aangegeven. De plannen voor zulke kerngroepen wil Gerrit Deems verder uitwerken en uitdragen. Want het leven is voor veel mensen zo lastig en moeilijk, dat er sociaal cement nodig is om in de benen te blijven.

Dr. Gerrit F. Deems, Een ‘andere’ Ariëns, de Doctrina Socialis van Dr. Alfons Ariëns (1860-1928), dissertatie. Uitgeverij van de Berg, Almere/Enschede 2011. ISBN 978-90-5512-3018. NUR 686. € 29,90. Ook te bestellen bij Landelijk bureau DISK excl. portokosten: info@disk-arbeidspastoraat.nl, ook via het online-bestelformulier:

bestelformulier

Hub Crijns is directeur van Landelijk bureau DISK.

omhoog

Terug naar openingspagina diaconale studie

home