home

PROJECTEN

HANDBOEK DIACONIEWETENSCHAP
Barmhartigheid en gerechtigheid

Woord vooraf handboek

Barmhartigheid en gerechtigheid
Woord vooraf
De redactie

Barmhartigheid en gerechtigheid

In het tweede scheppingsverhaal (Genesis 2, 4-25) wordt God - anders dan in het eerste scheppingsverhaal - telkens Heer God genoemd (JHWH Elohiem). Op de vraag waarom dat zo is, geeft een oude midrasj-verzameling antwoord: 'Dit kan vergeleken worden met een koning die enkele lege glazen had. De koning zei: wanneer ik heet water in deze glazen schenk, dan zullen zij barsten; en door koud water zullen ze ook barsten. En wat deed de koning? Hij mengde het hete en het koude water en schonk dit in de glazen en ze braken niet. Zo zei ook de Heilige-gezegend-zij-Hij: "wanneer Ik de wereld schep met de maat van erbarmen alleen, dan zullen de zonden te talrijk worden; maar schep Ik de wereld met de maat van het recht dan kan de wereld niet bestaan. Daarom zal Ik de wereld scheppen met de maat van recht en de maat van erbarmen. Moge de wereld blijven bestaan!" Vandaar de Heer God.' (Midrasj Genesis Rabba 12, 15).

Woord vooraf

Dit boek is ontstaan vanuit een tweeledig gemis. In de eerste plaats is er sinds enkele jaren geen enkel leerboek meer verkrijgbaar op het terrein van het diaconaat. Oudere inleidende studies van bijvoorbeeld Tieman en Zunneberg (1990), Noordegraaf (1991) en Spee (1992) zijn uitverkocht en worden niet herdrukt. Deze inleidingen zijn ieder geschreven vanuit een specifieke verbondenheid met hetzij de protestantse hetzij de rooms-katholieke traditie. Daar ligt een tweede gemis: het ontbreken van een breed oecumenische inleiding in het vakgebied. Immers, als ergens de oecumene floreert, dan is het wel op het terrein van het diaconale handelen.

Het initiatief om een studieboek te schrijven, is ontstaan in de landelijke diaconale studiekring. In deze kring van praktijkwerkers, docenten en onderzoekers werd in 2001 het plan opgevat om te komen tot een nieuwe inleiding in - wat we zijn gaan noemen - de diaconiewetenschap. Gaandeweg begonnen we ons te realiseren dat het ook zinvol zou zijn aandacht te besteden aan 'diaconale' impulsen vanuit andere godsdiensten en levensbeschouwelijke stromingen. In de Nederlandse pluriforme en multireligieuze samenleving van de 21ste eeuw past naar ons oordeel deze breedte. Daarmee is het een boek geworden dat qua opzet nieuw is in het Nederlandse taalveld.

Dit boek is in minstens twee opzichten een leerboek. Allereerst omdat het bedoeld is als studieboek voor studenten aan hbo-opleidingen en universiteiten. Voor hen in het bijzonder hebben we het geschreven. Tevens is het een studieboek voor beroepskrachten in de diaconale praktijk. Ten tweede is dit nieuwe boek ook voor ons als redactie een leerboek geworden; het schrijven ervan is een vruchtbaar leerproces geweest. Sporen daarvan zijn zichtbaar in de opzet, met name in de herziening van de definitie van diaconaat aan het eind van het boek en de uitleidingen bij ieder hoofdstuk. Ook de nieuwe naam van het vak - diaconiewetenschap - is vrucht van dat leerproces. Vaak is het leerproces van waaruit een boek ontstaat, niet meer zichtbaar in de publicatie zelf, maar wij hebben ervoor gekozen ons eigen leerproces niet te verhullen voor de gebruikers. Al denkende en doende leren we immers.

Veel auteurs hebben meegewerkt. Een blik op hun namen en hun personalia laat zien hoe breed de groep van auteurs is geweest die bereid was aan het boek mee te werken. We prijzen ons gelukkig met de vele experts die vanuit hun specialisme hebben willen schrijven. Als redactie bedanken wij ieder die heeft meegeschreven aan dit boek.

Onze dank gaat uit naar drs. Esther van der Panne die de eindredactie van het boek voor haar rekening nam. Ze deed dat op deskundige en consciëntieuze wijze. We noemen hier ook het landelijk bureau DISK (Dienst in de Industriële Samenleving vanwege de Kerken). Dit bureau heeft financiën en ondersteuning ter beschikking gesteld, die dankbaar gebruikt zijn bij de ontwikkeling van dit handboek.

We bedanken ook enkele fondsen en instellingen die de uitgave van het boek mogelijk maakten. Van de fondsen noemen we de Stichting Henk van Eekert Fonds en de Stichting Haëlla. Financiële ondersteuning ontvingen we ook van de afdeling Dienst In de Samenleving van Kerkinactie Binnenland, behorend tot de Protestantse Kerk in Nederland (PKN), van de diaconieën van de PKN in de vier grote steden en van een religieus instituut dat niet bij name genoemd wil worden.
Ten slotte bedanken we fotograaf Chris Pennarts, die op ons verzoek een hedendaagse impressie heeft gemaakt van de werken van barmhartigheid die in hoofdstuk 2 beschreven worden. Aan het begin van elk hoofdstuk van dit boek vindt u een foto uit de door hem gemaakte serie.

Uiteraard hopen we dat dit boek een stevige impuls zal geven aan het diaconale denken en handelen. In ieder geval ligt er nu een studie die daartoe wil uitnodigen.

De redactie

Hub Crijns
Wielie Elhorst
Lútzen Miedema
Herman Noordegraaf
Ploni Robbers-van Berkel
Sake Stoppels
Herman van Well

Terug naar openingspagina handboek diaconiewetenschap

home