home

PROJECTEN

DUURZAAMHEID: WAAR GEEF JIJ JE TALENTEN AAN?

"Als iedereen een paar kleine dingen doet, dan ben je al zo'n eind"

Klik hier om onderstaande interview als pdf-document met foto's en opmaak te downloaden.

Duurzaamheid en talenten OverbetuweDoor Anne Pier van der Meulen

Landelijk bureau DISK is onlangs gestart met het project Duurzaamheid, waar geef jij je talenten aan? In de eerste fase van dit project wordt verkend, of en zo ja, hoe mensen in hun betaalde werk invulling geven aan het veelomvattende begrip duurzame ontwikkeling. In dat kader is onder meer een gesprek gevoerd met zes mensen van protestantse gemeentes in de Overbetuwe.
 
Alle deelnemers aan het gesprek zijn betrokken bij het brede thema duurzame ontwikkeling. Maar wat is voor hen de kern van duurzaam handelen? Welke onderwerpen komen dan bovendrijven? Om dat te kunnen vaststellen is de deelnemers 48 sociale, economische en ecologische thema’s voorgelegd (zie tekstkader Wat heeft je bijzondere interesse?). Hun interesses blijken zeer verschillend te zijn.
Simone Derksen: “Tot mijn eigen verbazing ben ik uitgekomen bij de thema’s armoede en sociale samenhang. Als er geen goede huisvesting is voor de lage inkomensgroepen of voor mensen die zelfs helemaal geen inkomen hebben, dan mis je een dusdanig stuk veiligheid, dan kun je al helemaal niet aan duurzaamheid gaan denken. Dat is ook één van de redenen waarom het thema armoede bij mijn eerste keuze zit. Als je iedere stuiver drie keer om moet draaien, dan zul je minder snel een verantwoord pak koffie kopen. Gewoon omdat dat toch duurder is. Als je meer geld hebt, dan gaat dat makkelijker.”
Robbert Bakker: “Opleidingsniveau vind ik heel belangrijk, want hierdoor kun je mensen een betere uitgangspositie geven. Ze lopen daardoor minder risico om in de armoede terecht te komen. Daar heeft misschien de huidige generatie niet direct iets aan, maar wel de toekomstige generatie. Verder heb ik voor innovatief en creatief vermogen gekozen. Ik noem een voorbeeld: op de afdeling psychogeriatrie van het verzorgingstehuis hier werden door verplegers bij dementerende mensen vroeger rondes gelopen met een zaklamp en een sleutelbos. Alle deuren gingen open, er scheen licht, mevrouw of meneer lag rustig op bed. Dan was mevrouw of meneer wakker en kon die de hele nacht niet meer slapen. Deze mensen hebben al een moeilijk dag-en-nachtritme. Nu kun je door middel van technologie gewoon op afstand mensen monitoren. Terwijl mensen vroeger gingen dwalen en midden in de nacht aan anderen vroegen ‘ga je mee?’, kun je nu tijdig ingrijpen. Bovendien is er minder zorg nodig, want je hoeft die rondes niet te lopen en de kwaliteit van leven gaat omhoog. Dit is een vorm creatief bezig zijn.”
Lian Steenhof: “Een keuze maken was erg moeilijk, maar waar ik ondermeer voor gekozen heb is luchtkwaliteit. Als de luchtkwaliteit niet goed is, dan kunnen we niet meer ademen en niet meer leven. Dus dat heeft voor mij een hele hoge prioriteit. Datzelfde geldt voor oppervlaktewater en grondwater. We ondersteunen met onze kerk een drinkwaterproject in West-Papoea, waar de kinder- en moedersterfte heel hoog is. In het gebied is geen schoon drinkwater. Dus de mensen die daar wonen, de Papoea's, hebben ons gevraagd ‘help ons alsjeblieft om die schone drinkwatervoorziening weer goed op poten te krijgen, zodat we de sterfte van kinderen en moeders terug kunnen dringen’.
Ook informatievoorziening is belangrijk, want als je mensen niet op allerlei manieren van informatie voorziet, op scholen of waar dan ook, dan kun je ze ook niet helpen om hun omstandigheden te verbeteren.
Verder vind ik productie en consumptie van duurzame energie belangrijk. Ik probeer zelf ook altijd om hier in de omgeving de fiets te nemen in plaats van de auto. Dat probeer ik ook wel een beetje te promoten bij anderen: kom toch op de fiets naar de kerk en niet met de auto. Dat wij een nieuwe grote auto hebben gekocht, daar heb ik dan ook grote moeite mee.”
Harrie Versteegen: “Ik vind ook innovatief en creatief bezig zijn belangrijk. Ik denk dat we daarbij niet alleen in ons eigen straatje van de Westerse wereld moeten kijken, maar ook naar andere delen van de wereld. Die hebben hele aardige oplossing voor dingen die wij te moeilijk hebben gemaakt. Daarbij is het natuurlijk belangrijk dat wij grondstoffen hergebruiken. In principe is het namelijk zo dat er nooit minder energie op de wereld komt; de energie is in de ene vorm warmte of elektriciteit of in de andere vorm wind of aanwezig in een materie. Energie raakt nooit verloren. Alleen, we maken er een rommeltje van. Als we plastic smelten tot nieuw plastic hebben we weer plastic; als we het plastic verbranden hebben we as, waar we bijna niets meer mee kunnen doen. Maar we moeten ook niet te licht denken over duurzaamheid, want elektrische auto's zijn leuk; dan hebben we in de stad geen vuilnis, maar ergens staat die grote schoorsteen die de elektriciteit moet maken.”
Anja van Donselaar: “Een keus maken was uitermate moeilijk. Lichamelijke en geestelijke gezondheid is denk ik toch de basis van waaruit je verder kunt. Als je je lichamelijk en geestelijk niet goed voelt, dan denk je ook helemaal niet na over duurzaamheid, want dan ben je alleen maar met jezelf bezig. Wat ik ook belangrijk vind - dat is ook ingegeven door het nieuwe kabinet - is het tegengaan van uitsluiting. Want als je mensen uitsluit, dan krijg je een samenleving die niet stabiel is. En als mensen zich buitengesloten voelen, dan krijg je zo'n strijd. Verder houd ik de discussie dicht bij huis. Je hebt het wel een beetje in de hand door bijvoorbeeld niet steeds met de auto te gaan. Dat soort dingen. Dus ik eet misschien één keer per vier weken iets van vlees. Echt heel minimaal. Verder is het zo gemakkelijk om erover te praten en er dan verder niets aan te doen.”
Heleen van de Honing: “Ik heb een gelijkgestemde ziel in de persoon van Simone. Je moet toch bij de basis beginnen. Dat is armoede tegengaan, want mensen die met armoede te maken hebben, zijn ook ontvankelijk voor dienen in het leger en prostitutie. Leven in armoede maakt dat je niet makkelijk bij duurzaamheid komt. Sociale samenhang is eigenlijk de onderlinge samenhang tussen rijkdom en armoede. Het is een oud vraagstuk dat al heel lang speelt en waar ik me altijd erg betrokken bij heb gevoeld. Ik ben een protestvrouw. Dus ik heb menig spandoek gemaakt tegen armoede. Ook tegen bewapening en niet alleen de kernbewapening… Ik vind het ook belangrijk dat er wereldwijd goede toegankelijkheid is voor de gezondheidszorg. In dat verband verbaas ik me er nogal eens over dat alles wat wij hier weten, bijvoorbeeld over asbest, in Afrika toch zo weer wordt toegepast. En dat vind ik echt te verbijsterend voor woorden.”

Persoonlijke verantwoordelijkheid
Voor deel twee van het gesprek is de deelnemers gevraagd om te reageren op de stelling ’Ik ben als betaald werkende niet verantwoordelijk voor het leveren van een bijdrage aan duurzame ontwikkeling.’ Deze stelling werd unaniem bestreden. Een werknemer blijft in de ogen van de groep verantwoordelijk voor wat hij/zij in zijn/haar werkomgeving kan doen. Dit kunnen hele eenvoudige acties zijn, zoals zo weinig mogelijk papier uitprinten of dubbelzijdig printen, lichten uitdoen, spaarlampen aanschaffen, maar ook zitting nemen in de ondernemingsraad en op deze manier het bedrijfsproces proberen te beïnvloeden.
Harrie Versteegen: “Ik was vroeger en ben nog steeds voor kernenergie. In de tijd dat mensen hiertegen protesteerden, werd ik als secretaris van de ondernemingsraad ook uitgenodigd door actiegroepen om tegen de kerncentrale van Dodewaard te demonstreren. Toen heb ik duidelijk gemaakt dat ik aan de andere kant van het hek sta. Ik heb geprobeerd uit te leggen dat kernenergie toch niet de slechtste oplossing is die we kunnen bedenken. Ik heb het tij tegen kernenergie proberen te keren.”
Heleen van de Honing: “Mijn man is weggegaan bij het bedrijf De Schelde, omdat dat veranderde in een marinewerf. Hij zei: “Ik wil eigenlijk mijn geld niet verdienen aan de oorlogsindustrie.” Het was een hele fundamentele keus om daar weg te gaan. En in die tijd, de jaren ’70, was dat nog heel moeilijk bespreekbaar. Want er zit zoveel aan vast. Het was voor mij een opstap om te gaan nadenken over vrede. Hoe ga je een weg van vrede, ook met je kinderen. Kun je echt een weg van vrede wandelen, of moet je jezelf overgeven aan de realiteit, want oorlog bestaat nu eenmaal. Kun je je daar tegen verzetten? Pittig was het.”
Robbert Bakker: “Ik ben opgevoed met een bepaalde zuinigheid. Ik kan er bijvoorbeeld heel slecht tegen als mensen tijdens het werk een fout maken bij het printen; dat er bijvoorbeeld een letter op iedere bladzijde staat. Zo'n stapel papier kan dan gewoon de vuilnisbak in. Ik kan heel mooi zeggen dat dit niet duurzaam is, maar ik kan gewoon slecht tegen verspilling. Of slordigheid.”

In dialoog over duurzaamheid
Tijdens het derde en laatste deel van het gesprek is de deelnemers gevraagd naar de gesprekken die zij voeren rondom duurzaamheid. Daarbij is onderscheid gemaakt tussen hun interne en externe dialogen. Interne dialogen zijn de afwegingen die zij voor zichzelf maken. Hoe verloopt dat innerlijk gesprek? Wat weeg je tegen elkaar af? Externe dialogen zijn gesprekken die gevoerd worden met anderen. Met wie praat je over duurzaamheid en hoe verloopt dat gesprek dan?
Harrie Versteegen: “Laat ik een concreet voorbeeld van interne dialoog noemen. Ik heb de afvalwijzer van de gemeente ontvangen en heb deze heel goed gelezen. Ik ben er een paar uur mee bezig om te begrijpen wat er nu gescheiden wordt van wat. En dan denk ik ook wel: waarom? Ik heb ook wel eens, dat ik de vuilnisauto zie gaan en dan denk ik: zou dat nou wel allemaal in de juiste bak terechtkomen? Worden we nou niet met zijn allen voor de gek gehouden? Ook met anderen heb ik gesprekken over duurzaamheid. Er is geen bijeenkomst of verjaardag of er komt wel een spaarlamp, een Senseo-apparaat, een elektrische fiets of weggooibatterij voorbij.”
Anja van Donselaar: “Ik begin niet uit mezelf over duurzaamheid, maar als het zo uitkomt, dan spreek ik er met mensen op mijn werk over. Bijvoorbeeld als mensen die veel met de auto komen zeggen: ‘Ik heb weer zo lang in de file gestaan’, dan zeg ik: ‘Nou, dan neem je toch gewoon de fiets! Dan ben je misschien net zo lang onderweg. Vaak ben je nog sneller ook’. En soms werkt dat.”
Heleen van de Honing: “Ik ben heel veel met mezelf in gesprek als het gaat over vernieuwingen in huis. Wat doe je met kunststof, met hout of allerlei andere afwegingen. Een Senseo koffieapparaat gebruik ik niet, daar hoef ik niet in mee te gaan. Maar in groter verband heeft duurzaamheid voor mij een theologische component. Wij hebben het leven gekregen als zijnde allen rentmeesters. Als je als mens op de wereld komt, dan ben je in alles rentmeester van wat je toekomt.”
Simone Derksen: “Qua kerk doe ik op dit moment niet zo heel veel met duurzaamheid. Maar in mijn persoonlijk leven probeer ik dat wel. In mijn vorige kerkgemeenschap hadden we ook een groep duurzaamheid en die spitste zich vooral toe op sociale duurzaamheid. Wij hadden een voedselproject voor mensen die vanuit het vreemdelingenhuis binnenkwamen, een kledingproject en dat soort dingen. Daar heb ik mij heel veel voor ingezet.”

Robbert Bakker: “Innerlijk voer ik nog wel eens gesprekken. Soms denk ik: ‘Rob, ben je nou niet hypocriet?’ Dan loop ik door de winkelstraat en dan zie ik daar de Action en dan ga ik toch even kijken wat daar te koop is. Je wordt geprikkeld door al die prijsknallers en elke keer word je in verleiding gebracht. Je ruikt het overigens meteen als je binnen bent: het is één en al chemische lucht. In discussies met mensen spreek ik de laatste tijd over het ‘nieuwe werken’. Het betekent dat je eigenlijk onafhankelijk van tijd en plaats kunt werken. En ik geloof dat dit een enorme bijdrage aan duurzaamheid kan leveren. Je kunt je werk rondom je kinderen inplannen. De technologie heeft dat als nooit te voren nu mogelijk gemaakt.”
Lian Steenhof: “Ik ben in West-Papoea geboren en heb daar tot mijn twaalfde gewoond. Ik ben heel zuinig opgevoed. Ook omdat we het niet zo breed hadden. We hadden vier kinderen en dan was het altijd ‘om de paar jaar krijg je een nieuwe jas’. Ik ben nog steeds zuinig, maar soms heb ik het gevoel dat ik daar wel eens een beetje in doorsla.”
 
De geïnterviewden

Simone Derksen-van der Werf is werkzaam als activiteitenbegeleider in verzorgingstehuis Sint Jozef in Gendt. Ze begeleidt ouderen bij activiteiten die voor de dagopvang naar het verzorgingstehuis komen. Verder is ze depothouder krantenbezorging van de Gelderlander, wat betekent dat ze de distributie van deze krant verzorgt in haar woonplaats Angeren. Zij is verder actief binnen de Protestantse Gemeente Angeren, waar zij ook deelneemt aan het koor en de sociale commissie. Simone was voorheen betrokken bij de Protestantse Gemeente Enschede, waar ze zich bezighield met een voedsel- en kledingproject voor mensen die vanuit het vreemdelingenhuis binnenkwamen.
In de selectie van duurzaamheiditems koos zij voor: armoedebestrijding, sociale samenhang, kwaliteit en toegankelijkheid in de gezondheidszorg, kwaliteit en omvang van het woningaanbod en lichamelijke en geestelijke gezondheid.

“Tot mijn eigen verbazing bracht ik duurzaamheid vooral in verband met armoede en sociale samenhang. Als je meer geld hebt, gaat werken aan duurzaamheid gemakkelijker”.

Harrie Versteegen was voorheen controleur bij de KEMA in Arnhem, een organisatie die zich richt op het keuren en certificeren van producten. Hij was hier ook actief als secretaris van de ondernemingsraad. Op dit moment is Harrie vrijwilliger voor Vluchtelingenwerk Arnhem. Hij biedt mensen die een vluchtelingenstatus hebben verkregen, administratieve en sociale hulp. Hij is daarnaast actief in de Protestantse Gemeente Gendt-Doornenburg. Hij is eindredacteur van het kerkblad en beheert de website van de kerkelijke gemeente.
In de selectie van duurzaamheiditems koos hij voor: innovatief en creatief vermogen, lichamelijke en geestelijke gezondheid en armoedebestrijding.

“Energie raakt nooit verloren. Het is in principe zo dat er nooit minder energie op de wereld komt; energie is in de ene vorm warmte of elektriciteit of in een andere vorm wind of bijvoorbeeld aanwezig in een materie. En… kernenergie is duurzaam. Het is toch niet de slechtste oplossing. ”

Lian Steenhof was werkzaam als leerkracht in het basisonderwijs. Zij is actief in de Protestantse Gemeente Gendt-Doornenburg. Ze beheert de diaconie, bezoekt ouderen, neemt deel aan de ZWO commissie Oost-Betuwe, is koorlid en begeleidt de seniorenkring. Lian was verder één van de initiatiefnemers rond de totstandkoming van de Fair Trade Gemeente Gendt-Doornenburg.
In de selectie van duurzaamheiditems koos zij voor: informatievoorziening, productie en consumptie duurzame energie, luchtkwaliteit, hoeveelheid oppervlaktewater en kwaliteit grondwater.

“Als je mensen niet voorziet van informatie op allerlei manieren, dan kun je ze ook niet helpen om ze te verbeteren in hun doen en laten. Ik probeer duurzaamheid ook te promoten door mensen bijvoorbeeld te bewegen op de fiets naar de kerk te komen in plaats van met de auto.”

Anja van Donselaar is werkzaam bij het medisch secretariaat van revalidatiecentrum Groot Klimmendaal in Arnhem. Zij is daarnaast voorzitter van de kerkenraad van de Protestantse Gemeente Huissen en secretaris van de classicale ZWO commissie Nijmegen.
In de selectie van duurzaamheiditems koos zij voor: lichamelijke en geestelijke gezondheid, uitsluiting, luchtkwaliteit, hergebruik van grondstoffen en energieverbruik voor bedrijven en burgers.

“Ik zoek het dicht bij huis. Het is zo gemakkelijk om over duurzaamheid te praten en er niets aan te doen. Ik eet bijvoorbeeld misschien één keer per vier weken vlees.”

Robbert Bakker is zelfstandig internetondernemer. Hij heeft een goed lopend bedrijf Hesticare gevestigd in Gendt. Het bedrijf houdt zich ondermeer bezig met computertoepassingen in de gezondheidszorg. Robbert is ook lid van de kerkenraad van de Protestantse Gemeente Gendt-Doornenburg. Hij beheert de ledenadministratie van de gemeente, waarbij Gendt pilotgemeente is voor het nieuwe landelijke registratiesysteem.
In de selectie van duurzaamheidsitems koos hij voor: opleidingsniveau, innovatief en creatief vermogen, lichamelijke en geestelijke gezondheid, productie en consumptie van duurzame energie en kwaliteit van lucht.

 “Wij leven in een consumptiemaatschappij. Je wordt geprikkeld door al die prijsknallers en elke keer word je in de verleiding gebracht. Ik moet mijzelf dan echt afleiden om niet te gaan kopen.”

Heleen van de Honing is vrijwilliger in kerk en maatschappelijke organisaties. Zij is lid van  de Protestantse Gemeente Huissen. Ze is daar onder andere verantwoordelijk voor het regelen van gastpredikanten voor zondagse diensten. Heleen voelt zich sterk verbonden met het vredeswerk in de kerk en daarbuiten.
In de selectie van duurzaamheiditems koos zij voor: armoedebestrijding, sociale samenhang, goede kwaliteit en toegankelijkheid gezondheidszorg, kwaliteit en toegankelijkheid onderwijs en kwaliteit en omvang woningaanbod.

“Ik ben levenslang vrijwilliger en ik ben ook een protestvrouw. Ik heb menig spandoek gemaakt.”

Anne Pier van der Meulen is predikant van de protestantse gemeente Gendt-Doornenburg en projectmedewerker van Landelijk bureau DISK.

omhoog

Naar openingspagina Duurzaamheid: waar geef jij je talenten aan?

home