home

PROJECTEN

WERKEN AAN EEN GELOOFWAARDIGE ECONOMIE

Krijgen we economie dienstbaar of gaan we er aan ten onder?

Hub Crijns is directeur van landelijk bureau Dienst in de Industriële Samenleving vanwege de Kerken (DISK)

Inleiding
Op waarden gebaseerde economie
Drie casusverhalen

Inleiding

De hedendaagse mondiale uitdagingen vragen om inzichten, moreel beraad, manieren van handelen. Vooral waar het gaat om de effecten van economische globalisering op kwetsbare individuen, bevolkingsgroepen, plant- en diersoorten en ecosystemen. Hebben kerken een boodschap aan die ingrijpende veranderingen in de wereld? Theologen en kerkgangers worden steeds vaker geconfronteerd met de uitdagingen die globalisering met zich mee brengt.
Bij veel mensen blijft de vraag hangen wat de kerk, lokaal, landelijk, internationaal kan doen in reactie op deze ontwikkelingen. Tijdens de conferentie Economie in dienst van de Schepping op 17 maart 2008 ging een selectie van theologen, economen en kerkelijk werkers voor in een serie colleges over deze vragen. Bij die stortvloed van kennis, suggesties voor moreel beraad en mogelijkheden tot handelen kreeg het beoogde delen van vragen en ideeën met de 150 deelnemers een mager plekje. De Conferentie werd georganiseerd door de Protestantse Kerk in Nederland, Oikos, landelijk bureau DISK samen met de Radboud Universiteit Nijmegen.

omhoog

Op waarden gebaseerde economie

Professor Arjo Klamer, econoom, opende de conferentie met een uitdagend hoorcollege. Hij nam de deelnemers mee in zijn zoektocht naar de verbinding tussen empirische economische wetenschap, ethisch of moreel denken en kerkelijk handelen. Hij nam daartoe de verklaring van Accra van de World Alliance of Reformed Churches (2004) als uitgangspunt. Een humanitaire, ecologische rampspoed komt op ons af en help, wat te doen?
Nu staan wij als gemiddelde burger, kerkganger, wetenschapper niet in de positie van de machtigen der aarde. We zijn geen wereldleiders, leiders van landen of van multinationals, geen leiders van grote bewegingen die veranderingen op gang brengen. Wie kennis neemt van de humanitaire en ecologische feiten dreigt weg te zakken in het moeras van hopeloosheid. Hoe en wat te doen?
Klamer verwees naar zijn studietijd en het voorbeeld van prof. Tinbergen: gebruik de economische wetenschap om modellen te ontwikkelen waarmee je de problemen kan oplossen. Het is een instrumentele benadering, die twee veronderstellingen in zich draagt, die niet zomaar te realiseren zijn. Het bouwen van economische modellen kan zoveel werk opleveren, dat je nooit meer aan het doel toekomt. Je blijft als wetenschapper steken in het middel. En de vraag is of je met een model de wereld kan maken, veranderen. Zo heeft Klamer in de loop van zijn werkzame leven ontdekt, dat de economie terug moet keren naar haar oorsprong, toen ze nog een waarden wetenschap was. Het gaat om het waarden debat: waar komen we vandaan? Waar willen we heen? Hoe komen we daar? Wat moeten we doen en wat vooral laten? Zulke vragen zijn veel minder empirisch te benaderen, maar zitten vol debat over waarden en politieke keuzen. Klamer verwijst in zijn pleidooi om de economie als morele wetenschap te herstellen naar Aristoteles (over de verantwoordelijkheden van de heer van de huishouding, oikos en nomos), Thomas van Aquino en zijn scheppingstheologie, en Adam Smith, die naast An Inquiry into the Nature and Causus of the Wealth of Nations ook The Theory of Moral Sentiments schreef. Zo heeft Kramer zelf onlangs een boek schreven In hemelsnaam, waarmee hij dit debat voortzet.
Met allerlei voorbeelden leidde Arjo Klamer de deelnemers door verschillende vormen van logica, die in het waarden debat meedoen. De logica van de markt of het denken rond private goederen is overal te lezen in de economische wetenschap, in publicaties, in ons denken. De logica van de overheid of het denken rond publieke goederen is te lezen in de politieke wetenschap, in publicaties en zit ook in ons hoofd. Waar we ons minder bewust van zijn, maar waar we heel veel gebruik van maken is de logica van de gemeenschappelijke goederen. Ook hier is veel wetenschap over te vinden, wordt er veel over geschreven, en zit deze ook ons hoofd. Klamer brengt in de logica van de gemeenschappelijke goederen drie groepen aan. De logica van de oikos waartoe we behoren, hetgeen relationele waarden oplevert. De logica van de sociale verbanden die we ontwikkelen, die ook weer sociale waarden opleveren. En de logica van het gesprek, dialoog, communicatie, waar communicatieve waarden uit voorkomen.
Eenmaal op dat spoor gezet wist de zaal nog de logica van de ecologie te noemen, terwijl anderen de logica van het religieuze misten.
Volgens Kramer hebben wij vanuit die logica van de gemeenschappelijke goederen een grote invloed, omdat we daar zelf macht op uitoefenen. De ideeën en waarden die daaruit voortkomen beoefenen we in deugden, zoals bijvoorbeeld de zeven deugden (drie theologische en vier kardinale), die ons handelen sturen. Daar liggen onze kansen en mogelijkheden en dat veld wijst Klamer aan allen aan om te gaan bewandelen.

omhoog

Drie casusverhalen

In het vervolg van de Conferentie werden drie casusverhalen besproken, die een startpunt vormden voor de inbreng van economen, theologen en kerkelijke werkers. De verhalen gingen over voedselvoorziening en milieu, klimaatverandering en arm-rijk verhoudingen en globaliserende arbeid en zingeving. Ieder onderdeel bracht zo een keur van verschillende wetenschappelijke disciplines en praktische invalshoeken in beeld. Die bonte stoet van hoorcolleges, presentaties en telkens andere taalspelen onder voorzitterschap van prof. Toine van den Hoogen (theoloog en voorzitter werkgroep Religie, Economie en Arbeid) leverde nogal wat kennis op. Er werd door de hooggeleerde dames en heren nogal wat gevraagd van de deelnemers, hetgeen op het einde van de dag bleek.
Te onderzoeken en te weten is er dus genoeg. De vraag is of dat weten voldoende is. Bij elke opsomming, grafiek, stelling rijst weer de vraag of dit alles is of het begin van nog meer. In ieder geval wordt tijdens de dag duidelijk dat de logica van de markt meer welvaart brengt, wereldwijd, in groepen van landen en in een land zelf (o.a. Johan Graafland, econoom en theoloog, en Jan Boersema, bioloog en theoloog). Tegelijk is de logica van de overheid nodig (ook Graafland en Boersema) om te bewerkstelligen dat de vruchten van de groei besteed worden aan sociale noden, ecologische zorg, humanitaire inzet. Want zonder die inzet (politiek van delen en herverdelen) blijft de verworven welvaart hangen bij een elite.
Maaike de Haardt ontwikkelt een theologie van het alledaagse en wijst op de kwetsbaarheid van de humane conditie en van de wereld. Economie kan die kwetsbaarheid verminderen of verergeren. Met een verwijzing naar Gandhi: 'Er is genoeg voor ieders behoefte, maar nooit genoeg voor de begeerte van de elite'.
Louke van Wensveen is milieu- en bedrijfsethica en de auteur van de drie casusverhalen. Zij beschrijft CO2 als een gift van de natuur, nodig om ons ruimteschip aan de gang te houden, en als een gif als er teveel van is. Zij eindigt haar betoog onder verwijzing naar de narratieve theologie met het verhaal van de gift en het gif. Irene Dankelman, ecologe, wijst in haar betoog op de kracht van vrouwen als factor van verandering ten gunste van mensen en het milieu.
Die laatste factor wijst Lieve Troch, feministische studies en religiewetenschappen, ook aan als factor van verzet in Brazilië tegen het grootgrondbezit en de monocultuur van suikerriet. Zij laat zien hoe globalisering arbeidsverhoudingen wijzigt, bezitsverhoudingen verandert, en daarmee mensen hun betekenis en levenservaring rond arbeid en zelfverstaan wegneemt. Ad de Bruijne, sociaal geograaf, brengt de wereld van Brazilië in beeld, naast die van ontwikkelingen op diverse continenten.
David Ketel, landbouw Universiteit Wageningen, Christiaan Hogenhuis, stafmedewerker Oikos, en Trinus Hoekstra, mededirecteur landelijk bureau DISK, sloten aan bij de derde vorm van logica van Klamer en gaven voorbeelden voor moreel beraad, strategieën, bezinning en handelen voor de gelovigen. Voorbeelden die lokaal gedaan kunnen worden, waar landelijk iets gedaan kan worden en internationaal. Zo is de PKN betrokken geraakt bij het Platform Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen als voortzetting van het onderschrijven van de Verklaring van Accra. Zo ontwikkelt landelijk bureau DISK een duurzaamheidscan voor parochies en gemeenten. En natuurlijk kunnen we mee doen met de Millenniumdoelen van de VN. Die zijn opvallend genoeg nog weinig bekend in Nederland. Het zijn evenwel ook goede doelen om vanuit kerken samen met anderen proberen te bewerkstelligen. Al was het alleen al om het percentage mensen, dat de Millenniumdoelen kent, te vergroten.

Voor verdere informatie zie www.geloofwaardige-economie.nl. Meer specifieke informatie is in te winnen bij de projectleider, Trinus Hoekstra (t.hoekstra@kerkinactie.nl / 030 8801871 en info@disk-arbeidspastoraat.nl / 073 6128201) .

omhoog

Terug naar openingspagina Werken aan een geloofwaardige economie

home