home

ONDERSTEBOVEN
Tijdschrift van DISK

HET BETERE WERK
Symposium en boeken over nieuwe arbeidsdeugden

OndersteBOVEN, 14(2000)4
door Hub Crijns

Inleiding
Betrouwbaar en verantwoordelijk
Deugden en zonden
B.k. en o.k.
Van vrijetijdsethos naar arbeidsethos
Deugden in en op het werk

"Als werken voor de dommen is, ben ik er veel tegengekomen: mensen die hun heil zoeken in hun werk, er hun ziel en zaligheid in leggen en er het beste van zichzelf aan geven. Die bovendien daar graag over vertellen, met veel hartstocht. Dat heeft mij altijd geboeid. Daarom greep ik ook graag de kans aan om gesprekken te gaan houden over de beleving van arbeid." Zo opent arbeidspastor Albert Slaats het boekje dat hij schreef bij gelegenheid van zijn zilveren jubileum als arbeidspastor.

"Als ik vroeger een telefoonstoring moest verhelpen, dan had ik deze tas bij me. Zwaar van al het materiaal dat er in zit." Rien Weterings zet een vierkante zwarte tas op tafel. "Als ik nu een storing moet verhelpen, dan gebruik ik deze tas". Op tafel verschijnt een computertas met laptop en mobiele telefoon. "U kunt nu met eigen ogen zien hoe ons vak veranderd is en daarmee ook wat het bedrijf vraagt van de moderne werknemer in vergelijking met de traditionele."

Op 30 september werd 'Het betere werk' met een symposium gepresenteerd in de Levensschool te Breda. Hub Crijns, directeur van landelijk bureau DISK, interviewde voor een gehoor van 100 mensen bisschop Hub Ernst, arbeidspastor Irmgard Busch en Rien Weterings, werknemer bij KPN. Aan de drie gesprekspartners was vooraf de vraag 'welke (arbeids)deugden zijn onmisbaar voor een humane samenleving?' gesteld. Hierbij was een lijst opgesteld van arbeidsdeugden, die de traditionele werknemer kenmerken, zoals betrouwbaar, plichtsgetrouw, solide, ijverig, solidair en verantwoordelijk. En een lijst met kenmerken van de moderne werknemer, zoals: onafhankelijk, ondernemend, creatief, zelfbewust, vrijmoedig, optimistisch en flexibel.

Rien Weterings laat zien dat KPN in enkele jaren binnen de bedrijfscultuur een flinke verandering heeft doorgemaakt van overheidsbedrijf naar zelfstandige onderneming. "Mensen moeten nu kerncompetenties hebben, zoals kennis, kunde en emotie. Het bedrijf wil mensen daarin ondersteunen en vraagt tegelijk, dat die mensen elkaar ondersteunen. De werknemers vormen het menselijk kapitaal en zijn in hun optreden naar klanten toe de waarnemers voor de zaak. Ik merk dat we onder en met elkaar een heel andere taal gebruiken dan een aantal jaren geleden. We werken heel anders. En we hebben inderdaad moderne werknemers nodig."

omhoog

Betrouwbaar en verantwoordelijk

Betaald werk is volgens Hub Crijns in de huidige samenleving een dominante rol gaan spelen. Hoewel onbetaalde zorgarbeid en vrijwilligerswerk ook heel belangrijk zijn voor die samenleving, worden ze openlijk minder gewaardeerd. Betaald werk geeft inkomen, sociale status, structureert de tijd, biedt sociale contacten, persoonlijke ontplooiing en carrièreperspectief. De kwaliteit van leven neemt er door toe. En bestaanszekerheid wordt gegarandeerd, onder andere. door de opbouw van rechten in de sociale zekerheid. Wie geen betaalde baan heeft door werkloosheid of ziekte of handicap, die heeft problemen. De bovenstaande kwaliteiten van betaald werk worden dan evenzovele soorten van gemis.

Bisschop Ernst verwoordt hoe in de aangegeven lijsten volgens hem andere kenmerken staan bij de moderne werknemer dan bij die van de traditionele. "De kenmerken van de moderne werknemer zijn van sociaal-culturele aard en hangen samen met de andere plaats, die de werknemer in de moderne samenleving gekregen heeft in vergelijking met het verleden. De kenmerken waarmee de traditionele werknemer beschreven wordt zijn veelal van morele aard en zijn volgens mij daarom ook van toepassing op de moderne werknemer, maar wel op een eigen manier. Zowel de traditionele als de moderne werknemer weet zich verantwoordelijk en beseft, dat zij of hij betrouwbaar moet zijn.

Als mensen niet betrouwbaar zijn, wordt de samenleving ontwricht. En in alle takken van het bedrijfsleven, in productie, distributie en dienstverlening moeten mensen erop kunnen rekenen, dat allen die werken verantwoordelijk handelen. Anders kunnen we niet veilig rijden in auto, op de fiets of in het openbaar vervoer, kan het voedsel dat we kopen ondeugdelijk zijn, kunnen we in een restaurant ziekten oplopen, op de bank en aan het ambtenarenloket gedupeerd worden. Hierbij kunnen het leven en het levensgeluk op het spel staan."

omhoog

Deugden en zonden

Hub Crijns laat aan de zaal zien dat deugden en praten over deugden weer helemaal in zijn. Hij toont een recent boek van Marjan van Lier, directeur van het management- en bezinningscentrum Carnac in Amsterdam en Ed van Eeden, 'De 9 deugden voor je werk' (Spectrum 2000). Een citaat: "De katholieke kerk formuleerde in de Middeleeuwen de Zeven deugden versus de Zeven Hoofdzonden of ondeugden. De Zeven Deugden bestonden uit de drie theologische deugden Geloof, Hoop en Liefde (ontleend aan de bijbel: 1 Corinthiërs 13.13) plus de vier zogeheten 'kardinale deugden'. Voorzichtigheid, Rechtvaardigheid, Kracht en Matigheid (ontleend aan een heel wat wereldser bron: 'Politeia' van Plato). In allerlei schilder- en beeldhouwwerken werden de deugden tot ver in de Renaissance allegorisch afgebeeld, vaak als vrouwenfiguren. Elk van de deugden had eigen attributen. Zo heeft de gerechtigheid doorgaans een weegschaal in haar hand.

Op de balans van goed en kwaad stonden tegenover de Zeven Deugden de volgende Zeven Hoofdzonden of ondeugden: Gierigheid, Gramschap (ofwel drift), Gulzigheid, Hovaardigheid (ofwel ijdelheid), Nijd (ofwel jaloezie, afgunst), Onkuisheid en Traagheid (ofwel luiheid)."

omhoog

B.k. en o.k.

"Voor ons als arbeidspastores is er veel werk aan de winkel en wij zijn ondernemend, creatief, flexibel en optimistisch. We hebben onder meer te maken met b.k. en o.k." De zaal is in verwarring en arbeidspastor Irmgard Busch uit het bisdom Rotterdam legt de afkortingen uit. "B.k. geldt voor de werknemers/werkneemsters in de hogere loonklassen en betere posities. Zij zijn niet langer een kostenpost, maar een opbrengstenbron. Zij zijn menselijk kapitaal en te benutten kwaliteiten (b.k.) voor het bedrijf of de organisatie. Vandaar ook dat deze werkende mensen ondernemend, creatief, flexibel, employable en dynamisch horen te zijn. Dat is een noodzaak dus en geen deugd. Op de meest gekke plaatsen komen wij arbeidspastores deze werkende mensen tegen. En dan gaat het meestal over de ongerijmdheden van het leven, de dilemma's en de 'andere' waarden in het bestaan.

Heel anders is het bij o.k., de onderkant van de arbeidsmarkt. Wij hebben in Rotterdam een o.k.-bank, een centrum voor vrijwilligerswerk. Hier worden de mensen met onbenutte kwaliteiten (o.k.) geregistreerd. De meeste mensen komen hier niet vrijwillig voor werk. Ze moeten volgens de sociale dienst geactiveerd worden ten behoeve van de arbeidsmarkt of het onbetaalde werk. Wij arbeidspastores waarderen het als deze mensen niet te toegewijd zijn, zich niet te verantwoordelijk voelen zodat ze nog in staat zijn zelfbewust en creatief het eigen leven te leiden en de eigen oplossingen kunnen zoeken.

Waar b.k.-mensen en o.k.-mensen elkaar tegenkomen en elkaar zien staan kunnen coalities gevormd worden. Een voedingsbodem voor solidariteit. Wij arbeidspastores proberen hiervoor gelegenheid te scheppen en mensen tot coalities te verleiden. Oriëntatiepunten hierbij zijn onder andere de genoemde kardinale deugden."

omhoog

Van vrijetijdsethos naar arbeidsethos

Veel onderzoekers hebben volgens Hub Crijns aangetoond dat er een verband bestaat tussen protestantse rechtvaardigheidsleer en de deugden voor werk. Hieruit is het traditionele arbeidsethos ontstaan met een nadruk op plicht, accuraatheid, lange duur van werken en hard werken. Tussen 1977 en 1985 geven onderzoeken aan dat dit arbeidsethos afneemt van 76 procent naar 63 procent van de beroepsbevolking ten gunste van een vrijetijdsethos. Hetgeen voor en na het betaalde werk gebeurt vinden mensen belangrijker met een nadruk op vrijheid en ontspanning. Tussen 1985 en 1990 zijn zowel opwaartse (15 procent) als neerwaartse (24 procent) bewegingen merkbaar en daalt het arbeidsethos gemiddeld tot 55 procent. Vanaf 1990 tot 2000 neemt het arbeidsethos weer sterk toe van 55 procent tot 85 procent van de beroepsbevolking. In de cijfers zitten ook merkbare verschillen. Tweeverdieners en jonge vrouwen blijken de sterkste ondersteuners van het arbeidsethos. Alleenstaande vrouwen met kinderen en oudere mannen boven de 55 jaar zijn de sterkste ondersteuners van het vrijetijdsethos.

En wie pendelt tussen kerk en werk kan nog een andere tendens waarnemen. Arbeidspastores merken hoe bedrijven steeds spiritueler worden, de IT-sector voorop. Men draagt de tien geboden als een catechismus bij zich om de missie van het bedrijf zo goed mogelijk uit te dragen. Tegelijkertijd is merkbaar dat kerken zich steeds bedrijfsmatiger gaan opstellen. De bestuurlijke en financiële wetmatigheden sturen het management van de kerken om zo goed mogelijk voort te bestaan. Een merkwaardige ontwikkeling.

omhoog

Deugden in en op het werk

Albert Slaats heeft in zijn boekje vijf paren deugden aangegeven: Attent en Present; Toegewijd en Weerbaar; Voorsprekend en Aansprekend; Verbindend en Verbonden; Solide en Solidair. Per paar zijn drie mensen aangezocht voor een gesprek, die met die deugden een binding hebben. Na een persoonlijk gesprek en een groepsgesprek zijn de hoofdstukken van het boekje ontstaan. Het boekje eindigt met een uitleiding.

Albert Slaats in zijn boek: "Ik tref veel elementen aan van een 'spiritualiteit van de arbeid', een beleving van de 'binnenkant' van het werk, die je hele bestaan raakt en doortrekt. Het ligt voor de hand dat die spiritualiteit maatschappelijk gekleurd is, in kerkelijke termen: diaconaal. De deugden die ik gepresenteerd heb in de vijf hoofdstukken, zie ik als uitdrukking van die spiritualiteit. In die zin zijn ze ook met elkaar verbonden en liggen ze in elkaars verlengde. Daarbij kan Attent en Present-zijn worden gezien als een soort 'startkwaliteit' die telkens weer ingezet moet worden om wederkerigheid tot stand te brengen. Terwijl Solide en Solidair-zijn een deugdenpaar vormen dat onmisbaar is waar voortgang en continuïteit in het geding zijn. Daarom worden deze deugden in respectievelijk het eerste en het laatste hoofdstuk besproken.

Terugkijkend vraag ik me af in hoeverre deze deugden als waarden erkend zullen worden door een gemiddelde afdeling Personeel en Organisatie. Ze staan immers wat raar in een CV en je leert ze niet zomaar in een workshop. Met andere woorden: in hoeverre is moderne arbeid te karakteriseren als 'deugdenloos' en hangt dat wellicht samen met gevoelens van zinloosheid en met de verhoogde psychische kwetsbaarheid die in toenemende mate bij werknemers gesignaleerd worden? Kun je stellen dat mensen in het werk vaak hun deugden niet kwijt kunnen omdat ze alleen worden aangesproken op hun vaardigheden en op hun flexibiliteit en inzetbaarheid, tot de burn out er op volgt? Als deze indruk juist is, kan het een taak zijn van het Arbeidspastoraat om weer aandacht te gaan vragen voor de 'werkdeugden' als onmisbaar element in menswaardig leven."

Albert Slaats, 'Het betere werk. Over arbeid die deugd doet', Narratio Gorinchem en Arbeidspastoraat bisdom Breda, ISBN 90.5263.981.7, 104 pag. Te bestellen bij Narratio, Postbus 1006, 4200 CA Gorinchem, tel. 0183-628188.

omhoog

Naar andere artikelen OndersteBOVEN

home