home

ONDERSTEBOVEN
Tijdschrift van DISK

"Waar menslievendheid is en minnen, daar is God"

Henk Meeuws: “Op de vraag ‘Waar is God?’ kun je altijd antwoorden: ‘Kijk, hier bij deze mensen’.”OndersteBOVEN,
25(2011)4

Door Hub Crijns

Inleiding

Op 18 oktober j.l. heeft Henk Meeuws zijn proefschrift Diaconie – Van grondslagenonderzoek tot een pleidooi voor een diaconale mystagogie in het openbaar verdedigd aan de Theologische Faculteit Universiteit Tilburg. Een interview met de jonge doctor.

Henk Meeuws is geboren in 1942. Na de lagere school volgt hij de opleiding op het klein- en grootseminarie van de Priesters van het Heilig Hart. Na twee jaar filosofie mag hij naar Rome om er theologie te studeren. Hij behaalt er zijn licentiaat en laureaat ttheologie. Rome vormt een uitdaging, een andere wereld, andere cultuur, andere samenleving, met veel internationale contacten en tegelijk grote tegenstellingen tussen arm en rijk. Hier heeft Henk interesse opgedaan in hermeneutiek als onderzoek naar de regels en mogelijkheden van geloofsinterpretatie. Wat betekenen al die geloofswoorden voor ons nu echt? In de jaren ’60 is hermeneutiek als vak in opkomst, vooral in de Duitse protestantse theologie, onder meer bij Bultmann. In Nijmegen doceert eind jaren ‘60 Edward Schillebeeckx, die sterke interesse in hermeneutiek heeft. In 1968 gaat Henk naar Nijmegen om er doctoraal theologie te doen. Het is de tijd van de studentenrevolutie. Henk doet na zijn doctoraal met twee anderen promotieonderzoek over ‘Wat is theologie?’. Dit project is interessant, maar ook tot mislukken gedoemd. “Een dergelijke vraag moet je stellen als je de nodige ervaring hebt opgedaan en wat wijzer bent geworden.” Henk heeft dan al veel boeken gelezen, maar zijn praktijkervaring is nog niet groot. In 1973 volgt hij een klinisch pastorale training om theorie en praktijk meer met elkaar te leren verbinden.
Juist in die tijd heeft de Theologische Faculteit Tilburg een vacature voor theologische reflectie op de pastorale praktijk. Na wat heen en weer gepraat wordt Henk in de vakgroep Praktische Theologie benoemd tot docent met als bijzondere taak de theologische begeleiding van stagestudenten, eerst in de opleiding Basispastoraat, vervolgens in de studierichting Theologie en Maatschappelijk Handelen. Vanuit deze functies, waarin hij 22 jaar werkzaam geweest is, ontstaan vele banden met vormen van pastoraat: parochiepastoraat, jongerenpastoraat, arbeidspastoraat, wijkpastoraat, ziekenhuispastoraat, en zo verder. Het is een interessante periode, waarin heel veel verbindingen worden gemaakt tussen praktijk en theologie.
Eind 1995 neemt Henk afscheid van zijn religieuze orde. Zijn ontslag aan de faculteit is geregeld met hulp van de Rijkswachtgeldregeling. Het geeft hem de gelegenheid om naar ander werk om te zien, terwijl er tevens een eigen inkomen is. Dan kan hij met zijn partner en haar kinderen in Den Haag gaan bouwen aan een familiair leven in combinatie met werk en kerkelijk engagement.

omhoog

Maatschappelijk activeringswerk en LKDB

Bij de Katholieke Landelijke Vereniging voor Maatschappelijk Activeringswerk, later Actioma geworden, vindt Henk Meeuws een baan, die praktijkonderzoek koppelt aan theorievorming. Ook leert hij het Landelijk Katholiek Diaconaal Beraad (LKDB) kennen, waarvan hij sinds 2001 de voorzitter is. Hij heeft tussen 1995 en 2005 verschillende onderzoeksprojecten gedaan, onder andere rond diaconie in het Bisdom Breda en het Bisdom Rotterdam en rond levensbeschouwelijk vrijwilligerswerk. Voor DISK evalueert hij de economische geloofsbrief De keerzijde van de economische medaille. Andries Baart, collega bij Actioma en bijzonder hoogleraar, is de stimulator tot het bundelen van die praktische onderzoeken tot een dissertatie over diaconie. Henk is in 2007 met pensioen gegaan en heeft de afgelopen vier jaar hard gewerkt aan zijn proefschrift.

omhoog

Diaconale signatuur

De interesse voor een baan die praktijk en theorie rond diaconie met elkaar verbindt, is aan de biografie van Henk af te lezen. Al jong krijgt hij contact met mensen in de marge, voor wie hij speciaal interesse ontwikkelt. Tijdens zijn opleiding is er het woonwagenkamp in Bergen op Zoom en organiseert de Zonnebloem vakanties met zieken en gehandicapten. In Rome zijn er de sloppenwijken en studenten die zich daar gaan inzetten; zo is onder andere de beweging van San Egidio gestart. In Charlerois raakt hij aan het zware leven van Italiaanse gastarbeiders. Vader Meeuws zet Henk vervolgens op het spoor van de ATD Vierde Wereldbeweging. In Breda komt hij meer dan tien jaar maandelijks bijeen met een aantal mensen uit de Vierde Wereld om met elkaar lief en leed te delen, al is het maar pratend en biddend. In Den Haag raakt Henk betrokken bij de Agnesparochie, waar Witte Illegalen in 1998 hun hongerstaking hielden, die is gaan samenwerken met de Spaanstalige parochie waarin veel arme latino’s steun en toeverlaat zoeken. Al deze ontmoetingen met mensen in armoede en gebrek, maar ook met trots en hoop, zijn verbijsterend en enerverend en tegelijk diaconaal motiverend.
In de jaren ‘90 ontstaan via de theologiestudenten vanuit de faculteit Tilburg nauwe contacten met het arbeidspastoraat. Er komen scripties, artikelen en korte studies uit voort. In Rotterdam is Henk Collignon de man, die ook studeert op diaconie. In die jaren is Henk hoftheoloog van het arbeidspastoraat tijdens de Voorjaarsconferenties. Hier worden de vragen die voortkomen uit materiële omstandigheden, dringend gekoppeld aan de vragen rond zingeving.
Het werk bij Actioma is een verdere uitdieping van de vragen, die opgedaan zijn bij het doceren over ‘theologie en maatschappelijk handelen’. Betekenen theologie en godsdienst echt iets in het leven voor mensen, of is het allemaal dwang, dwaling en bedrog? Religie is in ieder geval iets van mensen, kan goed en kwaad uitpakken. Pogingen religie af te schaffen doen zoals bekend eerder kwaad dan goed. Het is dus zaak te leren om serieus met religie en vooral met de christelijke godsdienst om te gaan: wat is daarin essentieel?

omhoog

Zekerheden verlaten

“Vaak beleven mensen die zich in diaconaal werk engageren met medemensen in de marge, hun ‘doen’ als een (zwakke) vorm van geloven.”“In deze geloofsvragenkwestie zijn de officiële belijdenisformules, geloofswaarheden of geloofsstellingen belangrijk, maar niet primair. Om te geloven moet je juist zekerheden verlaten. Geloven is het ontwikkelen van ervaring: een ervaring van verlangen, van een zoekende instelling, van instemmen met, overgaan naar, je toevertrouwen aan, je verlaten op wat zich aandient als van beslissende betekenis. Je ziet geloven gebeuren als mensen principiële keuzen moeten maken, die zwaarwegend zijn voor hun verdere leven. Als er verbondenheid is en beschikbaarheid gevraagd is, kom je in de buurt van caritas en diaconie. Zo is het verhaal van diaken Laurentius over de schatten van de Kerk (namelijk: de armen) veel meer bepalend voor diaconaal geloven, dan bijvoorbeeld het onderzoek naar hoe diaconie als organisatie van het Bisdom Breda vorm te geven.”
In het Landelijk Katholiek Diaconaal Beraad is diaconie altijd het hoofdthema geweest. In het LKDB ontmoeten de diaconale medewerkers van de bisdommen en een aantal mensen vanuit landelijke organisaties die zich richten op parochies en diaconie elkaar. Zo zijn in de jaren ‘90 en vanaf 2000 telkens facetten van geloven en diaconie in het zichtveld gekomen. Diaconie is daarbij het brandpunt.
Henk Meeuws heeft veel gepeinsd en gepiekerd over de ervaringen van mensen die zich in diaconaal werk engageren met medemensen in de marge. Vaak beleven zij hun ‘doen’ als een (zwakke) vorm van geloven. Soms lijkt het erop dat voor christelijk geloven toch eigenlijk nog iets anders nodig is: een kerkelijke belijdenis of zo. Wat is dan de relatie tussen geloof en naastenliefde? Deze vraag speelt ook door in Henks proefschrift. Het antwoord is trouwens al lang geleden gegeven in het lied, dat nog steeds gezongen wordt, onder andere in Taizé: “‘Ubi caritas est, Deus ibi est’; waar menslievendheid en minnen is, daar is God. Dat is de Blijde Boodschap voor kerk en geloven. Op de vraag ‘Waar is God?’ kun je altijd antwoorden: ‘Kijk, hier bij deze mensen’. Als kerk moet je mensen die diaconaal werk doen waarderen en hooghouden: voor henzelf, voor de geloofsgemeenschap, voor de toekomst.”

omhoog

De lijn van het proefschrift

Henk Meeuws: “Diaconie is eredienst: de dienst van de liefde brengt de hoogste eer aan mens en God.”“Eerst wordt een historisch en actueel beeld van diaconie geschetst: waar vandaan, stand van zaken, tendensen, problemen. In het tweede hoofdstuk wordt uitgewerkt wat van elementair belang is als je diaconie goed wilt organiseren, waarop dan in de structuur van de geloofsgemeenschap gelet moet worden. Diaconie wordt gedragen door vrijwilligers en hun inzet heeft een levensbeschouwelijke dimensie. Daarom draait het derde hoofdstuk om vrijwilligerswerk en de levenbeschouwelijke dimensie. Dat laatste is de dimensie van verlangen, goedheid, schoonheid, belangeloze liefde. Die moet je als mens ervaren hebben, ontvangen hebben en dan kun je die ook weer geven. De relatie tussen de inzet van vrijwilligers met andere mensen is wederzijds in zowel het geven als het ontvangen. Er zit een structuur van transcendentie in het geven, ontvangen en weer geven, die religieus van aard is.
Om dit te verduidelijken gaat het vierde hoofdstuk diaconie back to basics. Een filosofische analyse van de intrinsiek religieuze aard van gewoon-menselijke zorg voor de ander in nood laat zien, dat die zorg bestaat bij gratie van een bron van overdadige liefde. In het gewone zit het verhevene. In het vijfde hoofdstuk wordt weer back to basics, maar nu in theologisch opzicht, het gewone in het verhevene gezocht. Als de verkondiging van het Woord en de bediening van de sacramenten tot de verheven zending van de kerk behoren, dan zijn ook degenen die zich aan ‘gewoon’ diaconaal werk wijden, daadwerkelijk verkondigers van het hoge Woord van Gods liefde en bedienaren van het sacrament van deze liefde. In hun alledaagsheid zijn zij zielenherders, onvermoede middelaars van het verheven geheim van Gods presentie bij de mensen.
Het zesde hoofdstuk gaat in op de manier waarop we meer bewust toegang kunnen krijgen tot dat geheim, dat verborgen is in de alledaagse werkelijkheid, hoe we ontvankelijkheid daarvoor kunnen inoefenen. Daarvoor richten we onze blik op de mystagogie: de weg van de inwijding in en begeleiding bij de ontmoeting met het mysterie. De grote kerkvaders hebben deze weg vroeger gepraktiseerd in hun mystagogisch onderricht. Zij gaven dat onderricht pas nadat de geloofsleerlingen eerst in hun praktisch leven en in de rite van de paasnacht met lichaam en ziel hun overgang van een leven in het donker naar het licht ervaren hadden. Deze mystagogische traditie is nadien grotendeels uit de aandacht van de kerk verdwenen. Rond de tijd van het Tweede Vaticaans Concilie komt er weer belangstelling voor. Mystagogie is de weg waarop mensen bijgestaan worden om het mysterie van hun bestaan, van de gave-dimensie (het genade-karakter) van hun leven, van de gemeenschap waardoor en waarvoor zij leven, te leren ervaren en kennen. Daarvoor is groeiende belangstelling in talrijke vormen van spiritualiteit. Daarover zijn ook meerdere, soms zeer spraakmakende, studies over management gepubliceerd. Inzichten uit deze hoek worden in dit hoofdstuk met theologische gedachten verbonden om degenen die verantwoordelijkheid dragen voor het leven en de vitaliteit van de geloofsgemeenschap, te laten zien hoe diaconale mystagogie beoefend kan worden.”

omhoog

De les van het onderzoek

“De les van het onderzoek is: vanuit de christelijke geloofsschat is een belangrijke bijdrage te leveren aan de bevordering van belangeloze inzet voor mensen in nood. Want in het licht van het geloof verdient het meest alledaagse liefdebetoon door wie dan ook verricht, christen of niet, alle bemoediging en hoogachting. Geloofsgemeenschappen kunnen deze hoogachting en bemoediging geven door, zeker in eigen kring, de meest elementaire mensendienst als sublieme godsdienst te honoreren – voor henzelf en voor anderen een genadegave, een weg van Godsontmoeting. Diaconie is eredienst: de dienst van de liefde brengt de hoogste eer aan mens en God. Wie de dienst van de liefde zo hoog acht, heeft weet van de Liefde die in het Woord verkondigd en in sacramenten gevierd wordt. En dat is goed voor de mensen die zich inzetten, goed voor de samenleving en goed voor de kerk. Maar wanneer de diaconie van de liefde niet zó, als eredienst, gewaardeerd wordt heb je uiteindelijk geen overtuigend antwoord op de vraag waartoe de kerk, haar verkondiging en vieringen eigenlijk dienen, wat mensen daar op de vaak duistere wegen van hun leven aan zouden kunnen hebben.”

Hub Crijns is directeur van Landelijk bureau DISK.

'Diaconie – Van grondslagenonderzoek tot een pleidooi voor een diaconale mystagogie', Dr. H. Meeuws, ISBN 978-90 5263 9333 8,
458 p. Prijs euro 29,50 inclusief verzendkosten.
Het is onder meer te bestellen bij Landelijk bureau DISK: info@disk-arbeidspastoraat.nl, ook via het online-bestelformulier:

bestelformulier

Klik hier voor een impressie die prof.dr. J. Wissink - lid van de promotiecommissie en lid van het bestuur van de Stichting landelijk bureau DISK – geeft van het proefschrift van Henk Meeuws.

Klik hier voor een impressie die prof.dr. H. Noordegraaf - lid van de promotiecommissie en lid van het bestuur van de Stichting landelijk bureau DISK – geeft van het proefschrift van Henk Meeuws.

omhoog

Naar andere artikelen OndersteBOVEN

home