home

PROJECTEN

VASTENBRIEF

Vastenboodschap: "Maak materieel bezit niet tot afgod!"

Paus Benedictus XVI in Vastenboodschap: 'Maak materieel bezit niet tot afgod!'

De Vastenbrief van de Bisschoppenconferentie 2010 is met dank die van Paus Benedictus XVI geworden. De brief is vanaf Aswoensdag 3 februari in omloop in de r.-k bisdommen. Volgens paus Benedictus XVI vormt de praktijk van het geven van aalmoezen “een concrete manier om de noodlijdende te hulp te komen” en is het “tegelijkertijd een ascetische oefening om ons te bevrijden van de gebondenheid aan aardse goederen”.

De Vastenperiode is een proces van innerlijke vernieuwing en gebed, vasten en het geven van aalmoezen zijn volgens paus Benedictus XVI de bijzondere werken die gelovigen daarbij kunnen inzetten. Door die bijzondere werken te doen ontdekken de gelovigen de barmhartigheid van God opnieuw en kunnen zij barmhartiger worden met hun zusters en broeders. De Paus hekelt het afhankelijk worden van bezittingen: “Hoe sterk de invloed van materieel bezit is, en hoe ondubbelzinnig onze beslissing moet zijn dit niet tot afgod te maken, bevestigt Jezus nadrukkelijk: ‘Gij kunt niet God dienen en de mammon’ (Lc 16,13). Het geven van aalmoezen helpt ons deze voortdurende bekoring te overwinnen, want het leert ons de noden van de naaste te zien en met anderen te delen wat wij, dankzij de goddelijke goedheid, bezitten.”  
Volgens de Paus maakt Jezus ernstige vermaningen aan hen, die de rijkdommen van de aarde alleen voor zichzelf willen benutten. Het evangelie staat vol oproepen tot delen en herverdelen. Vooral in landen waar veel christenen leven is de verantwoordelijkheid groter om mensen in nood te helpen “eerder als een plicht tot gerechtigheid dan een gebaar van liefdadigheid”, aldus de paus. 
Bij het christelijk geven staat niet de eer van de mens centraal, maar de eer van God. De Paus citeert in de Vastenbrief het bekende bijbelcitaat over de linkerhand die niet mag weten wat de rechter doet (vgl. Mt 6,3-4). “De milddadigheid van het evangelie is niet slechts filantropie: het is veel eerder een concrete daad van caritas, van liefde, een goddelijke deugd.” Over de kern van het christelijk geven verwijst de Paus naar het evangelieverhaal over de arme weduwe die twee muntjes in de offerkist van de tempel wierp – “alles waar ze van leven moest” (Mc 12,44). Zij geeft niet van haar overvloed, maar geeft “wat ze is. Ze geeft zich volledig.” Dat is ook wat Jezus deed: hij gaf zich helemaal voor ons. In de  Veertigdagentijd kunnen wij Jezus navolgen door  het geven van aalmoezen.
De Paus eindigt zijn Vastenbrief met te melden dat de Vasten tevens een voorbereiding op het Hoogfeest van Pasen is. Het is een training om te groeien in Liefde. We kunnen Jezus herkennen in de armen en “met onze gaven getuigen we van Christus, in Wiens naam wij het ware leven hebben. Deze tijd nodigt ons daarom uit door persoonlijke en gemeenschappelijke inspanning Christus toegedaan te zijn en te getuigen van Zijn liefde.”  

De Nederlandse vertaling van de Vastenboodschap is inmiddels verschenen in de reeks ‘Kerkelijke documentatie’ en is hier te downloaden.

Hub Crijns

Naar openingspagina Vastenbrief

home